Wedstrijd voorbereiding

Zondag loop ik een wedstrijd. Voor mij is “meedoen aan een loopevenement” misschien betere omschrijving. Ik loop niet perse anders in een wedstrijd dan in mijn trainingsrondjes. Dat is niet zoals het eigenlijk heurt volgens de hardloopboeken. Ik kan versnellen, intervallen etc, maar verder loop ik het tempo wat ik loop. Met een schema waarin staat “loop 30 minuten op uw 10km wedstrijdtempo” kan ik helemaal niks.

Ik doe wel aan enige wedstrijd voorbereiding. In de week voor de wedstrijd train ik minder. Neem ik rust. Eet ik gezond. Drink ik geen alcohol. Denk ik na over de juiste outfit. Pak ik de avond van te voren mijn tas in (startnummer, geld, ov-kaart, eten en drinken, droge kleren, telefoon, vuilniszak voor bij de start als het koud is, pet als het regent, zonnebril bij -logisch- zonneschijn)
Op de dag zelf ga ik (ruim!) op tijd van huis.
En ruim op tijd komen ook de gedachtes op gang:
– als ik maar niet als laatste eindig
– als ik maar niet te warm/te koud gekleed ben
– als ik maar niet tijdens het lopen moet poepen
– waarom geef ik eigenlijk 25 euro (of meer) uit + al het gedoe als ik ook lekker in het bos met de hond kan rennen
– als ik maar geen sterretjes zie bij (of na) de finish
– ga ik mijn gestelde doel halen?

4-3-16  – loslooprondje met onze hardloophulphond

Je gaat je bijna afvragen waarom ik meedoe, haha.
Nou, het is echt super tof als je over de finish komt en alles is goed gegaan! Als je onderweg wordt aangemoedigd of aan de finish wordt opgewacht. Het magische wachten in een startvak met honderden andere lopers is en blijft een bijzondere ervaring.
Haalbare doelen stellen helpt ook de feestvreugde te verhogen.
Over dat laatste: geen tijd binnen het uur deze keer. Wat wel? Dat is voor een volgend blog.

Hardlopen

Hardlopen (dat werd toen nog joggen genoemd) doe ik al tijdens de middelbare school leeftijd: met vriendin Ellen regelmatig een rondje Sloterplas. Vervolgens kwam het hardlopen pas weer in beeld nadat ik 2 kinderen had gebaard en in Baarn woonde; genoeg bos om doorheen te rennen.

Vanaf 2006 is het hardloopvirus echt toegeslagen: lid geworden bij een atletiekvereniging en meedoen met wedstrijden. Beide waren eigenlijk geen succes: het duurde een tijdje voordat ik door had dat hardlopen in een groep niks voor mij was en ach… laten we het over de wedstrijden maar helemaal niet hebben, stress van te voren (als ik maar niet als laatste eindig) en stress erna (vreselijke finish foto, ik ben te dik, wat loop ik toch langzaam etc)

Bepaald geen plezier dus. Bizar, want was ik niet gaan hardlopen voor ontspanning, rust in mijn hoofd en gezondheid? Later toch nog wat mijlpalen bereikt (o.a. de halve marathon van Amsterdam) maar de blije staat van zijn bereikte ik niet. Wel creëerde ik door al die zinloze gedachtes een complete wedstrijdangst.
Een hernia + operatie + lang herstel schudde de boel flink op. En ik wist daardoor dat ik wel wilde hardlopen, gewoon voor de fun, voor mezelf, zonder betere tijd of ander streven. Onze leuke labrador heeft hier een grote bijdrage aan geleverd, lekker samen in het bos! Wat haar de ere titel “hardloophulphond” heeft opgeleverd.
Afgelopen winter toch maar weer eens een rondje Wintercup meegedaan. Met mijn jongste zoon samen (hij bleef met mij lopen terwijl hij zoveel sneller kan) en onder aanmoediging van Lief. Zowaar kon ik de druk van presteren/vergelijken weerstaan en hoefde ik alleen te genieten: want hoe leuk en bijzonder is het om samen met je zoon een wedstrijdje te lopen?
Zou er dan toch een ommekeer in gedachten mogelijk zijn?
Vanmorgen in m’n uppie meegedaan aan de Dorpsloop in Hoevelaken. En ik heb er van genoten! Hardlopen zoals ik het ooit voor ogen had: gewoon doen wat je kan, geen vergelijk en vooral trots op je eigen prestatie zijn!